Emotional Joystick
Thomas Brinkmann
Thomas Fehlmann
Wrikken
Lomechanik
Dictaphone
Bunker Records
Gustavo Lamas
Living Ornaments
Doormouse
Broklyn Beats
Broklyn Beats en Tigerbeat6
From Quagmire
Funckarma
Artikel Burnt Friedmann
Interview Kettel

Emotional Joystick (Wisconsin, USA) & Bong-Ra (Utrecht, NL)

Wordt het nog wat met de Breakcore in Groningen? Als het aan ons ligt wel. Want is Breakcore niet het logische vervolg op harde Dance als Gabber, Digital H.C., Jungle en D'n'B? En waren dit niet hele populaire genres op de Groningse dansvloeren? Belangrijker, is de Dance niet toe aan een nieuwe impuls, nee, aan een een ferme trap onder de reet?

Vragen, en nog eens vragen. Wat ons betreft geeft het groeiende legioen Breakcore-artiesten, luisterend naar illustere namen als Venetian Snares, Doormouse, Hellfish, Kid606, Jason Forrest/donnasummer, Speedranch, Knifehandchop of DJ/Rupture, antwoord op de meeste vragen. Met hun laptops beuken ze al weer een paar jaar aan de weg. Ze zien er misschien uit als doorsnee computernerds, maar pas op, hun digitale waanzin komt hard aan! Deze mannen -vrouwen kwamen we nog niet tegen trouwens- nemen geen gevangenen. Lounge, Slaapkamerelektronica, Electroclash, Trance, Electrofolk, I.D.M., Microhouse; een dikke middelvinger van de Breakcoreboys! Punk is terug. Fuck Shit Up & Do It Yourself. Dat de handel per muisklik worden aangestuurd is bijzaak. Techniek was 28 jaar geleden niet belangrijk (toch?), dus waarom zou het dat nu ineens wel zijn? Oh, u vindt het maar saai om naar zo'n mannetje achter een schermpje te kijken? Shut up and dance, motherfucker!

Kortom, een frisse wind waait door de wereldwijde disco's, maar hier in Groningen gaan de deuren nog altijd maar moeizaam open. Rockend liggen we sinds de Amerikanen de boel midden jaren 80 overnamen van de Britten constant vijf jaar voor (deze week weer drie Punkrockconcerten in de Vera), maar als het op Elektronica (dansbaar en niet-dansbaar) aankomt lopen we hopeloos achter de feiten aan. Kijk naar de Duitsers, de Scandinaviërs en de Belgen, en je trekt je als liefhebber de haren uit je kop als je ziet wat daar allemaal gebeurd.

Nee, dan kun je zelfs -en ik krijg het er moeilijk uit- beter in steden als Rotterdam en Den Haag wonen. Daar kun je terecht voor het minimalere werk (zie m'n stukken over Funckarma en Bunker), maar ook de Breakcore feestjes, de andere kant van het spectrum, trekken daar zomaar 200 man.

Dat moet hier toch ook kunnen. Want als er iets is wat rockt, dan is het toch de Breakcore. Het is hard, compromisloos, adrenalineverhogend en opwindend. Alleen, tsja, het komt uit een kastje. En ja, Breakcore klinkt inderdaad wel erg heftig en soms ook gewoon ontoegankelijk. We kunnen ons dus wel voorstellen dat het effe moet wennen. Maar we doen net of we gek zijn, en met Bong-Ra en Emotional Joystick presenteren we, in een samenwerking met de Zapclub, twee acts waar je je tanden in mag zetten.

Bong-Ra is Jason Kohnen, Breakcore-pionier uit Utrecht. Cult in het buitenland, onbekend in het thuisland. Maar z'n laatste plaat Bikini Bandits Kill Kill Kill is zowaar enigszins opgepikt en in de nachtelijke uurtjes zeilt er af en toe zelfs een clipje op MTV voorbij. Bong-Ra was de sensatie van het afgelopen Eurosonic festival. Maar helaas zat de verzamelde Nederlandse muziekindustrie om drie uur 's nacht laveloos in de Benzinebar, en niet in het Platform Theater Kohnen grijpt onder andere terug op Breakbeats en Ragga, gooit de zaak natuurlijk in de hoogste versnelling, maar houdt de boel voor Breakcore-begrippen nog redelijk netjes binnen de perken. Dat alles kan en mag binnen de Breakcore, waarvan de grenzen vaag zijn (van een duidelijk omkaderd genre is daarom moeilijk te spreken), bewijst Emotional Joystick uit het Amerikaanse Wisconsin. Een ontdekking en labelgenoot van Breakcore-mastermind Venetian Snares, dus da's aanbeveling genoeg. In vergelijking met Bong-Ra gaat deze jonge Amerikaan zelfs nog een stap verder, door bijvoorbeeld een prominente rol in te ruimen voor een Fender-Rhodes orgel, en door toch ook wat vaker de hectiek in te ruilen voor rust en sfeer.

Het wordt dus in alle opzichten weer een spannend avondje. Wordt het wat, met de Breakcore in Groningen

Paul Schwarte

Thomas Brinkmann

Thomas Brinkmann behoort tot die mensen die na de ke kunstacademie de technische mogelijkheden aangegrepen hebben om muziek te kunnen maken. De techniek wordt instrument.

Thomas Brinkmann, een grafisch ontwerper van origine, groeide op in Dusseldorf. Hij liet zich inspireren door Jaki Liebezeit en Kraftwerk en maakte zogenaamde 'clicks and cuts' voor de hype aan. Als DJ bracht hij onder het pseudoniem Max techonoplaten uit voor de dansvloer, tewijl hij onder de naam Ernst een vehikel vond voor experimenten met elektronica. Dit is nu samengevoegd als Max.Ernst.

Brinmann brak door met zijn driedelige serie Soulcenter, waarop de titels van a tot z meisjesnamen zijn. Voor zijn livesets manipuleert hij vinyl en is daarmee te vergelijken met een grondlegger als Cristian Marclay. Door ritmische bewerkingen en door toevoeging van een vette dubsound krijgt Brinkmann's muziek echter een heel ander karakter.

Marcel Roelofs


Thomas Fehlmann

Thomas Fehlmann is een pionier in de Berlijnse technoscene. Thomas Fehlmann was begin jaren tachtig samen met Holger Hiller actief in de Neue Deutsche Welle met de band Palais Schaumburg en oogste succes met de lp Lupa met de hit ‘Wir Bauen Eine Stadt’.

In de jaren negentig was Fehlmann betrokken bij toonaangevende formatie The Orb, dat opviel door dansbare elektronische experimenten met Ambient Dub. Later zette hij zijn eigen label 'Teutonic Beats' op en maakte met o.a. Robert Fripp het album ffwd>>.

Hij werkt nu als producer en dj, zijn laatste plaat heet 'Visions of Blah'. Fehlmann is de initiator van de Oceanclub, dat een serie clubnights in Berlijn organiseert maar ook een radioprogramma produceert.

Marcel Roelofs


Wrikken

Wrikken staat voor experimentele electronische muziek. Gecomponeerd en geïmproviseerd door Ivo Bol en Joris van Perlo. Groningers kennen hen wellicht nog van bands als Soom, Plan Kruutntoone, Wastewell en G.I. Magnetic Inflatable Carrot Plane.

In Wrikken hebben ze electronica tot hun uitgangspunt gemaakt, met als rode draad de electronische herinterpretatie van hun voormalige 'analoge' instrumenten. Electronisch staat bij Wrikken niet persé voor hifi. Hun muziek is gemaakt met een combinatie van oude apparatuur en moderne digitale technologie. Dat maakt de sound van Wrikken wat roestig en stoffig in plaats van perfect en clean.

Het geluid van Wrikken wordt gegenereerd door het samplen en distilleren van zelfgemaakte accoustische opnames. De geluidsfragmenten worden in een zich herhalend proces telkens net iets anders gemanipuleerd en geherdefinieerd. Hierdoor klinkt de muziek ondanks de herhaling niet als een vicieuze cirkel, maar als een spiraal die zich ontwikkelt.

Het resultaat is abstracte, experimentele muziek, geïnspireerd door minimal music en surrealistische muziek. Muziekgenres die bij het luisteren filmische beelden oproepen en, andersom, bij uitstek geschikt zijn om kunstvormen als dans, theater en film te begeleiden.

Dit is dan ook precies wat Wrikken op 9 april in NP3 zal doen: een live uitvoering van een compositie bij de film 'Ritual in Transfigured Time' van Maya Deren.

Deren (1917-1961) was een avant garde filmer, die in de jaren '40 de Amerikaanse onafhankelijke filmbeweging leidde. Zij was de eerste filmmaker die een 'Guggenheim' ontving voor creatief werk in film (1947). 'Ritual in Transfigured Time' (1946) is een surrealistisch verhaal met danschoreografie.

Alice



Lomechanik

In Nijmegen zit een clubje mensen dat onder de naam LOMECHANIK behoorlijk actief bezig is met Elektronica. Muzikanten, DJ's en VJ's vormen een collectief dat tot dusver vooral naam maakt in de lokale scene. Maar recentelijk duikt de naam ook steeds vaker op in de landelijke media, vooral doordat er een verzamelaar verscheen die buitenstaanders een inzicht geeft in Lomechanik. Op "No One" vinden we mensen die schuil gaan achter namen als The Smokecella, Apzolut, Maersk, en Tok Tek. Om maar wat te noemen. Mannen (toch?) die op deze CD blijk geven van een gezonde dosis experimenteerdrang, die ons niet alleen de oren deden spitsen, maar die ons meteen tot aktie lieten overgaan. Samen met stichting Holodeck organiseert en presenteert Syntax Error daarom een avondje jong talent, een avondje Lomechanik.

Uw informant tast aardig in het duister als het gaat om Lomechanik. Zijn het inderdaad jonge mannen, bijvoorbeeld. M'n gevoel zegt van wel, maar voorlopig ligt alleen die verzamelaar voor z'n neus. Hij kan voor meer info het web op gaan, maar ja, dat kunt u zelf ook. De avond zelf, daar moet het wat mij betreft eerst maar eens gaan gebeuren. Daarna zien we wel weer verder. Ik hou het lekker spannend, en die ene CD, die belooft wel wat. We horen Elektronica van de geschiftere soort. Het lijkt me dat de Lomechaniks hun mosterd vooral in Engeland halen. Het is intussen een eeuwige referentie, maar Warp moet toch genoemd worden. Het label dat met haar uitgebreide catalogus de brug slaat tussen dansvloer en luie stoel. Delen we de Elektronika op in de 'in y'r face' waanzin van Aphex Twin, de 'arty' geluidssculpturen van Autechre en de 'laid back' sferen van Boards Of Canada (de heilige drieeenheid waaraan veel -niet alles- kan worden afgemeten), dan zijn het vooral de eerste twee die hier doorklinken. Dus in grote lijnen horen we digitaal knip- en plakwerk, schuur- en schuifritmes, verloren geluidjes, over elkaar stuiterende beats en zowaar, een eenzame maar briljante rapper. De heer Terra, die de strijd aanbindt met de machines van The Smokecella, mag er nog wel even uitgelicht worden met een fijn stukje Alt.Hop. Kortom, er gebeurt veel hier, waarbij de Hit 0f Flop-meter opvallend vaak naar de goede kant doorslaat. Vind ik tenminste.

Dan is het plaatje getekend en weet u weer uit welke hoek de wind komt. Vermits de CD een goede staalkaart is. Maar dat neem ik toch maar gewoon aan.

Saai kan het dus haast niet worden. Da's het voordeel van je nek uitsteken, de platgetreden paden links laten liggen, pretenties overboord gooien, lef tonen. Eigenschappen die in feite horen bij jonge, talentvolle mensen, die nog niet zo lang geleden besloten om een muzikale ontdekkingsreis te maken waarbij de eindbestemming niet duidelijk is. Maar deze houding is helaas geen vanzelfsprekendheid meer in een tijd waarin het carrieredenken binnen de moderne muziek zo enorm prominent aanwezig is. De Lomechanik-crew lijkt daar weinig last van te hebben. Men ziet wel waar het schip strandt en men rommelt maar wat aan (welke NL-kunstschilder zei dat ook al weer?). Dat hoor je er aan af en dat is iets wat ik graag hoor.

Voorlopig is Groningen de plaats voor een tussenstop op deze reis. We gaan zien of het de moeite waard is om de Lomechanik-trip te blijven volgen.

Paul Schwarte

Dictaphone

Laten we er niet moeilijk over doen; anno 2004 is de computer het belangrijkste -euh- ding ter wereld. De westerse wereld dan toch, want onze economie draait erop en onze kinderen zijn er aan verslaafd. Ik zit er ook weer eens achter. Gelukkig valt het mijn afhankelijkheid ervan nog mee. Ik zeg gelukkig, want m'n haat/liefde verhouding slaat meestal door naar het eerste. Er lopen al mensen bij de ambulante verslavingszorg. Een arm sociaal leven, geldproblemen, fysieke ongemakken en tussen de oren een zware dip. Inderdaad, een echte verslaving. Bijna de helft van de beroepsbevolking heeft, als de cijfertjes kloppen, RSI-klachten. Meer dan drie uur per dag muizen, en hop, je zit al in de risicogroep. Het dieptepunt moet nog komen, nu alle scholen vol staan met PC's, maar waar er vervolgens geen geld meer was om ook het meubilair aan te passen. Een hele generatie dreigt arbeidsongeschikt te raken voordat deze ook maar een minuut gewerkt heeft. RSI is namelijk nogal hardnekkig. Heb je het eenmaal, kom je d'r haast niet van af. Te dik waren ze al, die jongens en meisjes die later voor ons gaan zorgen.

Dus als we al naar de kloten gaan, dan weet ik wel waaraan. De westerse mens, ten onder aan haar eigen succes. U bent gewaarschuwd, maar, wat doet u er mee?

Zouden er al muzikanten zijn met RSI? Ja, good-old Magic Frankie van de Treble Spankers. Een begenadigd gitarist, die de staccato ritmes van de Spankers dus net even te lang en te vaak speelde. Zit nu thuis met z'n zes-snarige liefje. Maar laptopjockey's, muis-muzikanten en andere veelgebruikers van het digitale monster? Hoe zit het daar mee? Heeft AFX al een zeurende pijn tussen de schouderbladen? Eeuwige kramp in de vingers van de Kid606? Rare tintelingen in de arm bij onze eigen Kettel?

En toch, computers en muziek, het is een gouden combinatie. Vooral omdat de mogelijkheden onbegrensd zijn. Elk denkbaar instrument kan erin gestopt worden, allerhande combi's kunnen er ook weer uitkomen. In de handen van een individu, die beschikt over een onafhankelijke en creatieve geest, kunnen prachtige dingen ontstaan. Daar komt mijn liefde voor het (on)ding voorlopig dan ook vooral vandaan. En van luisteren naar computermuziek krijg je gelukkig geen peesontstekingen.

Olivier Doerell is zo'n creatief computermannetje. Onder de naam Dictaphone maakt hij platen en treedt hij op. Vrijdag 12 maart bijvoorbeeld, in galerie Niggendijker. Bij het roemruchte Berlijnse label City Centre Offices (CCO voor de fans) heeft hij onderdak. Met de onafhankelijkheid zit het dan ook wel goed, want CCO hebben we leren kennen als een label dat z'n muzikanten alle vrijheid geeft en dat zelf ook de weg binnen het alternatieve undergroundcircuit aardig weet te vinden. CCO-releases zijn in elke -goede- platenspeciaalzaak te koop.

Doerell, Belg van oorsprong, maar al geruime tijd in Berlijn woonachtig, bevindt zich op CCO in uitstekend gezelschap. Opiate, Christian Kleine, Skanfrom, Static, Metamatics, dat zijn toch namen binnen de Elektronica. En dan was daar vorig jaar de bescheiden doorbraak van Ullrich Schnauss, die ik zelfs met grondjes onder RTL-programma's hoorde. Kenners weten dan dat het hier gaat om de meer minimale Elektronica. Het betere schuur- en schuifwerk, met klanktapijten die zich langzaam uitrollen en waar het fijn op liggen is.

CCO (misschien wel het kleinere, maar steeds groter wordende broertje van Pole's label Scape) zoekt het in kwantiteit. Elk jaar komen er een handvol releases uit en die zijn dan ook allemaal puik. Voor de leek zal het een pot nat zijn, maar liefhebbers horen toch grote verschillen. Het spectrum gaat van zweverig naar bliepend. Van Morr naar Warp, zeg maar. Ook Doerell, Dictaphone, laat de beats bijna helemaal links liggen en zoekt het in geluid puur. Wat hem onderscheidt van veel collega's is het gebruik van 'echte' instrumenten als klarinet, sax, bas en drums. Ook duiken er gevonden stukjes geluid en een enkele vocaal op. Het eindresultaat klinkt mooi warm en organisch en ook het woordje "Jazz" mag genoemd worden.

Dat gaat dan allemaal de harde schijf op en dan wordt het dus goud in de handen van Doerell. De plaat heet "m.=addiction". Zou dat staan voor "muziek is verslavend"? Dat maakt in elk geval dit verhaal mooi rond en we gaan het hem vragen, daar in Niggendijker. Mocht U over die wellicht hoge drempel heen durven stappen, dan zou u me een groot plezier doen door niet al te hard door Dictaphone heen te keuvelen. Bedankt alvast!

Paul Schwarte

Bunker Records

Legowelt
Orgue Electronique
DJ TLR

Vrijdag 5 maart gaat het een dolle boel te worden in de Puddingfabriek. De creme de la creme van de NL-Electro scene is dan te gast voor wat een avond belooft te worden die voorlopig als de meest dansbare de Syntax-geschiedenis in zal gaan. Legowelt, Orgue Electronique en DJ TLR staan daar volgens ons garant voor.

In al mijn stukken op deze site is de dansbaarheid, het dance-gehalte, van alle acts een centraal thema. Volgens mij is dat toch wat je als lezer, en vervolgens als bezoeker, vooral wilt weten. Syntax Error treedt nou eenmaal graag buiten de geijkte paden en presenteert dingen, genres misschien wel, die tot nog toe weinig bodem in Groningen gevonden hebben. Dansen is geen vanzelfsprekendheidje, zoals dat wel het geval is met het gemiddelde feest. En dus weet je het nooit echt vantevoren. Ligt het accent op luisteren, of mogen de voetjes de hele avond lekker van de vloer?

Wat dansbaar is en wat niet, da's nog een discussie op zich. Zover ga ik hier niet. Maar ik kan jullie wel vertellen dat het met de dansbaarheid op deze S.E.-avond goed zit. Honderd procent misschien wel. Want Legowelt, Orgue Electronique en DJ TLR hebben een reputatie als het gaat om het bouwen van feestjes en het verbouwen van dansvloeren. Je mag ze gerust ouwe rotten in het vak noemen. Vertegenwoordigers van de zogenoemde "West Coast Sound Of Holland". Representanten van een scene met hot spots in Den Haag en Rotterdam, rondom roemruchte labels als Bunker, Clone, DUB, Viewlexxx en Klakson. Electro is het woord.

Je geduld als danslustige Syntax Error-fan wordt dus met dit avondje Electro, zogenaamde Bunker-Electro, beloond. Is het zo simpel? Misschien, maar toch zit er nog een addertje onder het gras. Want ook deze mannen, ik gooi ze gemakshalve even op een hoopje, zijn volgens mij niet blij met etiketten. De muziek op de ontelbare releases (met name Legowelt is een actief baasje) doet dan ook verwoede pogingen om de Electro te ontstijgen. En dat lukt. Okay, de basis hier bestaat nog steeds uit vetfunky Hiphop-beats, kazige synths en ratelende ritmeboxen, met Afrikaa Bambaataa's "Planet Rock" als eeuwige blauwdruk. En aanverwante zaken als Disco, Acid, (Detroit-)Techno, en noem maar iets uit de begindagen van de Dance, zijn natuurlijk altijd aanwezig. Maar, deze mensen houden van freaken! Er is hier sprake van een, voor Dance-begrippen zeker, ruime en gezonde experimenteerdrift. En dan weet je maar nooit wat er gebeurt.

Wellicht heeft dat experimenteren, wat zich vertaalt in het lekker fucken met geluid, het de draak steken met heersende opvattingen en verwachtingen en het opsteken van dikke vingers naar nieuwe trends en hypes, wellicht heeft dat te maken met de Punk-achtergrond die hier alom aanwezig is. Do It Yourself, ooit de strijdkreet der punks, werd ook hier het motto. In 1990 begon het hele verhaal in Den Haag met de Hotmix platenzaak van I-f (die later een grote naam binnen het genre werd). Vervolgens begon het balletje te rollen, er kwamen muzikanten, labels, winkels, pers, clubs en ziedaar, 15 jaar later heb je een levende scene daar in het westen. Vrijheid blijheid, volledige onafhankelijkheid, creativiteit, pijlers waarop "The West Coast Sound Of Holland" rust. Als er al regels zijn, dan zijn ze zelf gemaakt.

En als je dan lang genoeg bezig blijft, dan komt er vanzelf een rage voorbij die aangegrepen kan worden om je gelijk te halen. Toen Electro-clash het nieuwe hippe speeltje werd van de vaderlandse popindustrie, zullen ze zich daar in het westen ongetwijfeld even achter de oren gekrabd hebben. Maar als je jarenlang in de marge hebt gezeten, waarbij je blijde boodschap aan dovemansoren gericht leek en je alleen je ei kwijt kon bij gelijkgestemde geesten, dan zou ik -ook al zit er een wrange kant aan de zaak- toch blij zijn met dit doorgeefluikje naar Het Grote Publiek. Dan zou ik daar dankbaar gebruik van maken.

Ik weet niet of de Bunker-gasten van vanavond er ook zo over denken, en ik weet ook niet of de aandacht voor gasten als Fischerspooner, Daft Punk of Chicks On Speed er debet aan geweest is dat deze mensen net terug zijn van een tourtje in Japan. Da's ook niet relevant. Wat uiteindelijk telt is dat we in de Puddingfabriek weer een mooie avond tegemoet kunnen zien. En voor de verdere ins- en outs verwijs ik graag naar de sites van de betrokken partijen, want het hele verhaal liet zich hier onmogelijk vertellen.

Paul Schwarte

Gustavo Lamas

Buenos Aires, Argentinië. Ik moet toegeven dat ik die kant nog nooit serieus opgekeken heb als het gaat om de Elektronica. Dat Zuid-Amerika al enige tijd doorborrelt in het Dance-wereldje is bekend. Vooral Braziliaanse ritmes duiken her en der op, bijvoorbeeld op zwoele, loungy avondjes. En een label als Caipirinha ken ik van een mooie verzamelaar met louter Braziliaanse E-muzikanten. Maar verder? Niets, niente, nada, wat mij aangaat.

Nu duikt daar dan plots een jonge muzikant op die Argentinië op de kaart zet. Gustavo Lamas, zo heet deze tropische verassing. Een paar volle releases, en de gebruikelijke trits losse tracks op diverse verzamelaars, hebben 'm vanachter z'n PC en uit z'n isolement getrokken. In Duitsland werd Lamas ontdekt, zodat het kon gebeuren dat onze jonge held zelfs in Groningen, in de Puddingfabriek, op weer zo'n speciaal Syntax Error-avondje, z'n opwachting komt maken.

Ja, want een held ben je wel een beetje als je dat voor elkaar krijgt als jonge Argentijn. Volgens mij hoef ik jullie niet uit te leggen dat dat op dit moment geen fijn land is om in te leven. Laat staan om daar eens even lekker te gaan klooien met allerhande digitale spullen. Bij Lamas echter, die overigens enige politieke betrokkenheid niet ontzegd kan worden (maar dat terzijde), stroomde het bloed klaarblijkelijk daar waar het niet gaan kan. De hedendaagse techniek stond vervolgens ook hier weer eens voor niets, en ook al zijn apparatuur en muziekdragers haast onbetaalbaar in een door inflatie geteisterd Argentinië, via de digitale snelweg lukte het Lamas dan toch om pijlsnel afstanden te overbruggen en om simpelweg gehoord te worden. Een applausje voor het net!

Lamas vond met z'n overwegend minimale Elektronica vooral luisterende oren in Duitsland. Daar waar dit soort Elektronica al jarenlang een vaste waarde is in de undergroundscene. Daar ook, waar tientallen labels release na release uitpoepen die tot het beste horen van wat de muziek -in het algemeen en wereldwijd- anno nu te bieden heeft. Het was het label Traum uit Keulen (waar anders) dat als eerste aan de bel trok, middels de compilatie "Elektronische Musik Aus Buenos Aires" en "Celeste", Lamas' eerste plaat buiten Argentinië.

Het is opvallend hoe iets van de ene kant van de wereld zo nauw kan aansluiten bij iets wat helemaal aan de andere kant gemaakt wordt. Volgens Lamas zelf is dit eerder toeval. Maar de geluidsgolven die Lamas produceert schuren zeer dicht tegen het geluid aan van Duitse collega's als Thomas 'Soulcenter' Brinkmann, Wolfgang 'Mike Inc.' Voigt, Stefan 'Pole' Betke en Jens 'Senking' Massel. Pulserende, repeterende en hypnotiserende Elektronica, doorspekt met elementen uit (vooral) Dub en Techno. En zelfs een vleugje Zuid-Amerikaanse warmte klinkt door in de tracks van Lamas. "Celeste", en opvolger "Brotes", hadden dus ook op labels als Scape, Basic Channel of Karaoke Kalk niet misstaan. Maar het waren uiteindelijk de Duitse labels Oni-tor en Kompakt (een grote naam in Keulen) die verantwoordelijk waren voor de volgende stappen in 's mans carrière. Het zegt ook wel iets over de kwaliteit; het is Lamas gelukt om in een land dat bezaaid is met goede E-muzikanten toch een poot aan de grond te krijgen.

Waar het accent bij de platen eerder ligt op lekker-lui-achteroverhangend genieten, daar schijnt het live (en dat is in dit verband toch wat we willen weten) toch behoorlijk dansvloer-proof te zijn wat Lamas doet. De vergelijking met Kettel dringt zich op. Hoe hij dat precies gaat doen, ook al weten we dat de man vooral met samplers z'n muziek maakt, daarover tasten wij, van Syntax Error, nog even over in het duister. Maar de kaarten zijn weer geschud voor wat in alle opzichten een zeer spannende avond beloofd te worden.

Paul Schwarte

Living Ornaments

Diegenen onder u die van mening zijn dat muziek iets is om naar te luisteren (i.p.v. iets om doorheen te praten) kunnen op 12 december in ieder geval hun hart ophalen. Het concept dat het Club Q team voor deze avond heeft uitgedacht, vereist namelijk dat de aanwezigen de muziek via een koptelefoon tot zich nemen. Voor de gezellige loungers onder u zal het wellicht even wennen zijn, maar voor de liefhebber heeft het zo zijn prettige kanten: een live-optreden in perfecte stereo.

Het leek ons in ieder geval een uitstekende gelegenheid om de heren van Narrominded eens naar Groningen te halen. Narrominded is een label uit Hoofddorp dat wordt gerunt door het duo Lars Meijer en Coen Polack. Het label kwam vorig jaar verrassend tevoorschijn met een aantal goed ontvangen compilaties, met daarop een mix van zowel Nederlandse als Internationale producers. Met een nieuwe serie split LP's die sinds dit jaar verschijnt, hebben ze zich inmiddels in de divisie van 'interessantere Nederlandse electronica labels' geschaard.

Op de releaselijst van Narrominded prijken, naast Living Ornaments, namen als Kettel, Garçon Taupe, Pete Namlook, Accelera Deck, Bedouin Ascent, Hydrus en Duplo Remote. In de Gonzo Circus werd dit rijtje onlangs geduid met kwalificaties als "de intelligente architectuur van Autechre", "de speelsheid van Alphex Twin" en "de brutaliteit van Atari Teenage Riot". Tja, en wie zijn wij dan om dat tegen te spreken.

'Living Ornaments' is het live-project van Polack en Meijer. Verwacht muziek die vertrekt bij de Warp-school (Autechre, etc.) en vandaaruit zijn weg zoekt langs filmische soundscapes, opgebouwd uit abstracte door electronica getransformeerde geluidslagen. Soms ritmisch, soms sferisch, maar altijd met voldoende tempo om niet in oeverloosheid te verzanden. Minder geschikt voor op de dansvloer, maar perfecte muziek voor op de koptelefoon.

DH.

Doormouse

Kijk, da's mooi. De boomlange US-laptopboy Dan 'Doormouse' Martin komt z'n geschifte Breakcore (BC) over ons uitstorten. In Shadrak, op zaterdag 15 november, helemaal gratis. Op zich al iets waar de vlag voor uit kan, maar ik kan ook mooi naadloos doorbomen op m'n vorige artikeltje, over Broklyn Beats, Kid 606, Tigerbeat6, BC, enzovoort. Scheelt heel wat lettertjes en bovendien kan ik inhaken op het daverende succes van beide avonden. Ik heb sterk de indruk gekregen dat er harten sneller zijn gaan kloppen (tot overslaans toe!) door de dubbel van begin oktober. Legendaaaaaarisch was het.

Nee echt. Terugdenkend, een maandje later, wordt ik nog steeds een beetje warm van binnen. Vooral de Vera-avond, met the Kid en Co., hakte er wat dat betreft letterlijk en figuurlijk in. Wat heet; had ik al het gevoel dat er iets revolutionairs kon gaan gebeuren, na afloop was ik daarvan overtuigd. En daar blijf ik bij. Misschien dat Rotterdamse lezers, daar waar de BC al een blijvertje is, nu wat raar kijken. Maar in Groningen, in notabene de R'n'R-tempel Vera, zag ik nog niet eerder zo'n compromisloze, gevariëerde, spannende en domweg vetbeukende partij digitale waanzin. Of het moet al de heer Bong-Ra (niet geheel ontoevallig een Rotterdammer) geweest zijn, die me, diep in de nacht, in het Platform, tijdens de laatste Eurosonic, met een frontale digitale aanval keihard voor m'n kop knalde.

Die eerste Kid 606/Tigerbeat6-zwaluw maakt wellicht, hopelijk, een mooie BC-zomer. Met de komst van Doormouse is het vervolg daar. Alles wijst erop dat deze Amerikaan, die al enige jaren met twee eigen labels (Distort en Addict) de digitale snelweg onveilig maakt, op een ongelooflijke manier gaat huishouden. Ik wil mezelf geen kenner noemen, maar meneer Martin leverde met de track "Skelechairs" volgens mij een absolute BC-klassieker af. Op de verzamelaar "The Cosmic Forces Of Mu", uitgebracht op Mike Paradinas' onvolprezen label Planet Mu, kwam ik 'm voor het eerst tegen. Natuurlijk is BC, net als de softere voorgangers (zo u wilt) D'n'B, Jungle en Gabber, muziek die bedoeld is om je meteen bij de lurven te pakken. Maar dit sloeg alles.

Ook argeloze Vera Swingers bleven verbijsterd achter na vijf minuten "Skelechairs", zo bleek tijdens m'n draaibeurten aldaar. Een collectief 'wot de fuk' hing er boven de hoofden als de laatste penetrante piepklanken, die het nummer op gepaste wijze afsluiten, waren weggeëbd. Een woord als 'fucked' komen we sowieso vaak tegen als het om BC gaat. Misschien is dat ook wel de essentie; deze gasten, ik noem ze gewoon muzikanten, fucken met je hoofd, met het formule-denken (eigenlijk zou het woord BC steeds tussen aanhalingstekens moeten), met alles wat beperkend en belemmerend werkt. Als er al een regeltje is, dan is het dat er geen regels zijn. "Fuck shit up", zei punkrockende Theo Ripcord altijd, en dat is precies wat Doormouse doet. Samen met broeders als Hellfish, the Kid en Venetian Snares, samen met een steeds groter wordende club laptopwizzards (Donna Summer!). Samen zijn deze individuen bezig om de hele 'Dance-scene' een gigantische schop onder hun hol te geven, maar ook om wat R'n'R in de donder van de neuzelende laptopnerd te pompen.

Beleef daarom de fucked-up shit van Doormouse met ons mee, daar in Shadrak. Dit keer geen filmpjes voor de muziek-kijkers. Maar wel een man van twee meter, die -zo las ik op het net- bijvoorbeeld met een cheerleader-pakje aan, z'n eigen snot van z'n apparaat likkend, tegen de muren aankruipend, z'n ding doet. Dat wordt dus nog lachen ook!

Om te oefenen raden wij de cheapo dubbelaar "The Method/Messed Out Freak" aan, naast een trip naar uw speciaalzaak en natuurlijk het welvertrouwde klikken op uw eigen muis, achter uw eigen PC. Doe het, weer erbij.

Paul S.

BRØKLYN BEATS: CRITERION / DOILY / 1-SPEED BIKE

Degenen die hier een avondje hippe urban beats verwachten zijn bij Broklyn Beats aan het verkeerde adres. Broklyn Beats is New York underground. "Experimentalisten met een voorliefde voor struikelende breakbeats, chaotische dub en post-industriële noise." Mind you.

Broklyn Beats is het label van computernerd en punk saxofonist Criterion Thorton. Hij richtte het label in 1999 op met de in-tentie een low budget platform voor kwaliteitsmuziek te creëeren met bijzondere aandacht voor het artwork en design.

Sinds de oprichting in 1999 heeft het label een gestage stroom van fraaie uitgaven uitgebracht met het werk van namen als DJ Rupture, One-Speed Bike, Doily, I-Sound en Donna Summer. Stuk voor stuk artiesten die, met hun respectloze knip-, plak- en sample- werk, een dikke vinger richting de gevestigde muziekindustrie maken.

Illustratief is in dat verband het provocerende werk van Donna Summer. Een Engelsman die als een bronstige pitbull de hit-parademuziek van bands als The Dire Straits, A-Ha en Mister Mister door de mangel haalt. Ik heb me overigens laten vertel-len dat bij zijn optreden in Nijmegen toch een flinke buslad-ing, in hun beste discopak gehezen veertigers voor de deur stond, in de hooggespannen verwachting de fameuze disco-queen te treffen, maar dit terzijde.

In Grand Theatre zal op 12 oktober Criterion samen met Doily plaatsnemen achter de lap-top en de draaitafels. Waarbij Doily de 'crunchy dub-sound' voor haar rekening neemt en Criterion zijn handtekening onder de breakbeats zet.

Daarna zal One-Speed Bike acte de presence geven. En hoewel hij zelf benadruk dat zijn soloproject van een geheel ander karakter is, kunnen we het toch niet laten om te vermelden dat het hier de drummer van God Speed You Black Emperor betreft.

Volgens de reviews behoort de muziek van One-Speed Bike overi-gens tot het meer ingetogen en toegankelijke werk op het Brok-lyn label: een mooi begin voor een eerste kennismaking.

Bedenk daarbij echter dat 'toegankelijk' in de context van Broklyn Beats een relatief begrip is. Het laatste dat je het label kunt verwijten is dat ze grossieren in wegwerpproducten voor het dance en uitgaans-circuit. Of, om de woorden van Doily aan te halen: "We do encourage everyone to understand that art is not always relaxing or beatiful(…).

Djoerd Hiemstra



Broklyn Beats en Tigerbeat6

Zo zit je als liefhebber van avontuurlijke digitale klanken in Groningen jarenlang op een houtje te bijten, zo kun je jezelf twee weekenden achter elkaar verwennen. Vrijdag 3 oktober is er een Tigerbeat6 package in Vera, met Kid606, DJ/Rupture en Dwayne Sodahberk. Zondag 12 oktober houdt Syntax Error een vierde avond in de bovenzaal van het Grand Theatre, met Doily, Criterion en 1-Speed Bike van het New Yorkse label Broklyn Beats. Twee avonden, zes acts en een heleboel weirde, spannende en compromisloze muziek; daar maken we ons voor op!

Het ligt voor de hand om beide avonden hier te behandelen. Daarvoor zijn de overeenkomsten groot genoeg; twee US-labels (T6 is San Fransisco) die muzikaal behoorlijk uit hetzelfde vaatje tappen, met acts die voorop lopen als het gaat om de nieuwste ontwikkelingen in Elektronicaland. Ik ben dan ook niet te beroerd om het woord 'revolutionair' in de mond te nemen.

Voor Groningse begrippen zeker. Okay, ook hier hebben we hordes DJ's aan de poort gehad en hebben we een compleet jaarloon aan Dance-avonden kunnen uitgeven. Maar, als het gaat om de nieuwe Elektronica, die digitale muziek -ik zeg het nog maar eens- die verder kijkt dan de dansvloer groot is, daar was het tot dusver mager mee gesteld. Vandaar dat er nog een hoop uit te leggen is. Bij termen als 'Breakcore', 'Bootlegging', 'Plunderphonics', 'IDM' of 'Glitch' zijn het toch vooral schouderophalende en nee-schuddende reacties die ik tegenkom.

Misschien is dat elders hetzelfde verhaal (deze jongen komt niet zoveel over de grens), maar misschien is het toch ook het Rock-verleden wat deze stad zo met zich mee draagt. Nou, als dat zo is, dan is er hier sprake van -laat ik het maar zo noemen- een aantal mooie bijkomstigheden, die eventuele onwetenden genoeg houvast kunnen geven om er begin oktober toch voor te gaan.

Om met de belangrijkste man te beginnen: Kid606, de man achter het T6 label. Zo'n jaar of vijf bezig. Hij wordt ook wel 'de Punkrocker van de laptop' genoemd. Z'n werkwijze is Punk; vrij, onafhankelijk, Do It Yourself. En z'n muziek is dat eigenlijk ook; met een hoog fuck you-gehalte giert en knalt het je boxen uit. Wellicht is meneer, een whizkid eerste klas, ook de uitvinder van de Breakcore: muziek waarin de hardste Dancegenres (D&B, Jungle, Gabber, Digital HC) in een mixer worden gegooid, een snuif gekte en ongein erbij en laten pruttelen tot een waanzinnige potpourrie. Eigenlijk kan alles (ouwe Electro!) zo ongeveer samenkomen in de Breakcore. Belangrijk element is het samplen van hits. Of moet ik zeggen, het fucken met hits? Dit wordt ook wel Bootlegging genoemd. De broertjes Soulwax zijn er groot mee geworden, maar de T6-mensen gaan beduidend compromislozer te werk.

In Vera zal dit het hoofdmenu zijn. Maar, deze mensen, The Kid voorop, zijn niet simpel in een hokje te drukken en doen ook graag een beetje vaag. Vandaar dat ik ook de nodige weirdness verwacht in de vorm van geluidsexperimenten, (bewust) haperende machines (Glitsch) en andere mindgames. Maar het wordt toch vooral knallen, op hoog volume!

Als we naar de andere kant van de States gaan komen we dus in New York terecht. Daar zitten de mensen van Broklyn Beats. Hun werkwijze is al net zo Punk als de T6-luitjes. Maar waar het in de SF-scene toch echte computernerds zijn die de dienst uitmaken, daar is het hier toch vooral een Hardcorepunkverleden wat speelt. Waar Kid606 zelfs z'n eigen computerprogramma's maakt, daar zweert men hier bij analoog, oude Roland-ritmeboxen en ander achterhaald spul. Muzikaal is het toch vergelijkbaar met T6, al is het -laat ik het noemen- abstracte element hier wel wat groter en gaat het meer richting geluidscollages. Vooral bij 1-Speed Bike, waarin we zowaar een lid van het Canadese kraakpandcollectief Godspeed You Black Emperor! tegenkomen, en wel een van de drummers.

Doily en Criterion, de oprichters van BB, staan iets dichter bij de dansvloer. Maar ook zij zijn niet te beroerd om de regeltjes aan hun laars te lappen en op een weirde manier met beats en samples om te springen. Opvallend is het gebruik van flarden tekst, die een zekere mate van politiek bewustzijn verraden.

Waarschijnlijk zal het in de bovenzaal van het Grand Theatre wat minder beuken dan in Vera. Daar kunnen we een van de rockendste computeravondjes in de geschiedenis van Groningen Elektronicacity gaan zien.

En wil je alvast oefenen, dan zit je vooral bij T6 goed, want ze timmeren aardig aan de weg, bijvoorbeeld met de cheapo sampler "Open Up And Say…@<%_|^[!}". Op deze perfecte kennismaking vinden we ook DJ/Rupture, die ook al wat uitbracht bij BB. Dit, om aan te geven hoe incestueus de US-scene is. Kid606, bijvoorbeeld, werkt ook veel samen met mensen als Lesser, Matmos en Cex. Het is een happy family daarzo, en wij kunnen daar voor even deel van uitmaken. Wij hopen op twee, in alle opzichten, geslaagde trips!

Paul S



From Quagmire speelt vrijdag 11 juli in de Puintuin

Nu de hele wereld één grote marktplaats is geworden. Het uitbuiten van een individu, volk en land wordt gezien als een slimme (verantwoorde) manier van zaken doen.

Nu het bedrijfsleven en de westerse overheden vrij zijn om te gaan en staan waar ze willen, niet gehinderd door enige landsgrenzen, wordt het individu dat zich verzet tegen de westerse comsumptie-maatschappij gezien als een luizige parasiet, die het dan ook niet verdiend om met enig respect behandeld te worden.

Gelukkig is er nu ook een sterke andersglobaliserings beweging die vind dat het anders kan en dat de vrijheid van een individu niets voorstelt als dat betekent dat een ander gevangen moet blijven in een web van armoede, uitbuiting en kansloosheid.

Ook op muzikaal gebied laat een nieuwe undergound van zich horen met een soortgelijke instelling of in ieder geval een totaal afwijkende instelling wat betreft het aanhangen van onze westerse wereldorde. Het streven is niet een stardom en een vette bankrekening.

Nee, deze groep muzikanten gaat voor een hoogst persoonlijke muzikale beleving. Het uit Virginia USA afkomstige trio From Quagmire begeeft zich dan ook in het goede gezelschap van groepen / collectieven als de No Neck Blues Band, Sam Shalabi van Shalabi Effect (die als verdachte terrorist wordt aangezien in de US om dat zijn voornaam Osama is en hij alles behalve een rasechte amerikaan is. Zijn nieuwe cd Osama genaamd is dan ook een heftige aanklacht tegen de post-11 september westerse samenleving), Jackie-O Motherfucker, Sun City Girls, Sunburned Hand Of Man e.v.a.

Net als bovenstaande bands gaat From Quagmire gehuld in een wolk van mistige psychedelische drone experimenten. Diep persoonlijke intieme, fragiele folk improvisaties van een adembenemende schoonheid. Een schoonheid die echter vaak wordt bedreigd door verontrustende in en uit zoomende geluidsinterrupties. De introverte sfeervolle zang en gitaar van Dorothy Geller wordt ondersteund door knarsende, jankende vioolklanken van James Wolf en vervreemende geluidsgolven van Vincent Van Go-Gogh (ex-Rake) op percussie, electronica en gitaar.

De muzikale benadering van From Quagmire en vele eerder genoemde bands heeft meer te maken met iets als de Indiaase Raga muziek dan onze westerse Pop/Rock. Net als de Raga muzikanten zoekt men al improviserend naar de juiste klank schalen om bij hun diepste gevoelens te komen. Dat je de schoonheid van het verwoorden van deze klanken niet doormiddel van het 1 2 3 aftikken kunt bewerkstelligen spreekt voor zich. Alleen door het in alle rust diep afzakken in je zelf kun je komen tot de esssentie van deze muziek.

De cd's van From Quagmire worden uitgebracht door het beruchte VHF label. Een label dat al jaren garant staat voor het documenteren van totaal afwijkende geluidsescapades van prettig gestoorde gezelschappen. Verwacht echter niet een haarfijne registratie van de From Quagmire cd's want dat zijn tijdsdocumenten die alle kanten op kunnen groeien in een live setting. Met andere woorden verwacht van From Quagmire het onverwachte.

Pieter Bos



Funckarma speelt vrijdag 6 juni in de Puddingfabriek

De eerste Syntax Error avond in de Puddingfabriek zit nog redelijk vers in het geheugen. Maar februari is toch ook al weer een tijdje terug, hoog tijd dus om die succesvolle avond een vervolg te geven. Dat doen we op 6 juni met Funckarma, een Nederlands duo dat muzikaal uit hetzelfde vaatje tapt als Reimer 'Kettel' Eissing, de man die de eerste cclubnacht van Syntax Error aftrapte. De beats stuiteren, vreemde geluiden duiken op, dromerige melodieën kabbelen voort en het piept, schuurt en knort dat het een aard heeft. Van minimaal en ruimtelijk tot complex en hectisch, het hele spectrum der elektronica wordt bestreken. Dat kan ook gezegd worden voor wat betreft de toegankelijkheid; Funckarma-tracks zijn soms lekker makkelijk weg te happen maar kunnen ook echte doorbijtertjes zijn.

Hadden we met Kettel een van de aanstormende talenten der elektronica in huis, van Funckarma kan gerust gezegd worden dat het gaat om de top. In Nederland sowieso, maar ook buiten onze landsgrenzen is Funckarma een blijvertje. Misschien verval ik ondertussen enigszins in promo-praat (de tent moet vol mensen!), maar hoe je het ook wendt of keert, de feiten liggen er. En feiten liegen nooit.

Een feit is bijvoorbeeld dat Funckarma, bestaande uit de twee broers Don en Roel Funcken, op de laatste Noorderslag stond. Nou kun je over de kwaliteit bij dit prestigieuze festival twijfelen. Er staan toch vooral carrierebands, en in mijn optiek is de muzikale creativiteit bij dit soort formule-herkauwers vaak ver te zoeken. Maar zo af en toe staat er dan toch iets waarvan gezegd kan worden dat er sprake is van een actueel geluid. Een act die inderdaad, conform het motto van Noorderslag, een afspiegeling is van wat er muzikaal leeft in Nederland en daarbuiten. Funckarma is zo’n band; muzikaal volledig van nu, representant van de nieuwe, de dansvloer voorbij zijnde, elektronica.

Dat de band echter pas op het laatst aan de line-up van Noorderslag werd toegevoegd zegt veel over de manier van programmeren en over de manier van denken bij Noorderslag. Funckarma had top-prioriteit moeten hebben en had er ook al veel eerder moeten staan. Het is inmiddels een gevestigde naam binnen de elektronica en de ontwikkelingen daarbinnen zijn ook al minstens sinds de tweede helft van de jaren 90 stormachtig. Zo bekeken is het haast een belediging voor de band om als last-minute booking toch nog bij de elite der Nederpop te 'mogen' horen.

En als we dan toch carriere-matig denken bij Funckarma (waarmee we bovendien nog meer feiten op een rijtje zetten); de twee broers treden veel op, krijgen internationale erkenning en goede recensies, hebben legio releases in hun disco staan (bij gerenommeerde nationale en internationale labels als Djak-Up-Bitch, Neo Ouija, DUB, Isophlux en Musik Aus Strom)) en deden al remixen van acts als Speedy J, Plaid en Lamb. Ik ken Nederpoptoppers met mindere CV's...

Het nieuwste feit is dat de broers Funcken net getekend hebben bij Warp. Kijk, dan hoor je er dus echt wel helemaal bij. Onder de naam CANE zal binnenkort een plaat verschijnen, en dat is een alter ego van de heren (CENIK is een ander).

Syntax Error en Funckarma zullen proberen om er de zesde weer een sfeervolle en spannende avond van te maken. Voor de duidelijkheid, de band doet ook DJ-sets, maar in de Puddingfabriek wordt het toch echt een live-set. Het plaatmateriaal dat ik ken wijst daar niet meteen op, maar de jongste berichten zijn dat men op dit moment behoorlijk dansbaar bezig is, met veel aandacht voor Hiphop- en Reggae-beats. Er wordt ook gezegd dat Funckarma live het beste is wat Nederland op dit gebied te bieden heeft, maar dat maken we die avond zelf wel uit.

Deeay Foefur zal verder voor de muzikale omlijsting zorgen, er kan gehangen worden in loungy sferen en voor mensen die moeite hebben om anderhalf uur naar twee computerende mannen te kijken kunnen de mooie plaatjes bewonderen die V-jay L-win op de muur tovert. Als de techniek ons niet in de steek laat, dan moet de tweede clubnacht van Syntax Error een succes worden.

Paul S.


Burnt Friedmann speelt op 10 mei bij het Les Trois Jours Festival in het Grand Theater te Groningen

Blij verrast waren we toen Grand Theatre’s muziekprogrammeur Marcel Roelofs ons vroeg mee te denken met de programmering van Les Trois Jours. Normaliter kent het festival veel acts die -misschien denkt Marcel er zelf anders over- het Jazz-stempel opgedrukt kunnen krijgen, maar Marcel vond dat het tijd werd om de Elektronica een wat prominentere rol te geven. Vorig jaar was daar al een aanzet toe gegegeven met Pole, en het jaar daarvoor bijvoorbeeld met het Tied & Tickled Trio. Het stelde ons in staat de naam Syntax Error aan iets te koppelen waar we vlak achter staan en het bood de mogelijkheid wat ruimer te denken. Als beginnende club, met een niet al te groot budget, kan Syntax Error natuurlijk niet meteen voor de grote namen gaan. Maar Marcel bood ons de gelegenheid om grote vissen uit de Elektronica-vijver te peuren. Dat is met het vastleggen van BERNDT FRIEDMANN en JAKI LIEBEZEIT ook gelukt, vinden wij.

Friedmann is een belangrijke exponent van de hedendaagse Duitse Elektronica, Liebezeit was in de jaren 60 en 70 drummer bij Can, een van de invloedrijkste bands uit de Duitse popgeschiedenis. Op papier in elk geval een schitterende combinatie.

We hebben ons in de aanloop ook vooral geconcentreerd op Duitsland. Met brandhaarden in steden als Berlijn en Keulen, waar tientallen labels al een decennium lang prachtplaten uitpoepen, is het land uitgegroeid tot een walhalla voor Elektronica-liefhebbers.

Duitsland heeft altijd iets met Elektronica gehad. Kraftwerk! Een naam die zelfs de meest sufgebangde hardrocker, zou je hem er naar vragen, nog wel uit z’n laatst werkende hersencellen weet te toveren. De perfecte synthese van man en machine. Maar, en een beetje muziekfreak weet dat, er heeft altijd meer onder het oppervlak der Popmuziek gesukkeld. Ten tijde van Kraftwerk waren dat bijvoorbeeld in relatieve obscuriteit gedompelde acts als Tangerine Dream, Amon Duul, Popol Vuh, Cluster, Neu!, Harmonia, Ash Ra Temple, Faust en -dus- Can.

Can genoot, naast Kraftwerk, misschien nog wel de grootste bekendheid. Ik moet enige voorzichtigheid in acht nemen, want deze jongen was ten tijde van “Tago Mago”, Can’s eerste meesterwerk, krap zes jaar oud en hij moet het doen met de overlevering, de naslagwerken en de muziek. Hij was er dus niet ‘live’ bij, destijds in 1971. Het was ergens begin jaren 90 toen ik besloot me eens op de Krautrock te werpen. Het waren de hometapers der Lo-fi en de instrumentalisten der Postrock (toegegeven, niet de meest gelukkige genreaanduidingen, maar who cares) die me de aanzet gaven. Met hun lang uitgesponnen stukken, hypnotiserende ritmes, elementen uit de (vrije) Jazz en Elektronica, hun experimenteerdrift en overwegend rauwe sound, bleken bands als The Dead C,. Tortoise, Cul De Sac, Doledrums en Stereolab, slechts enkele van vele persoonlijke faves, min of meer schatplichtig aan Can & co. Op “Tago Mago” en op Can’s volgende prijsplaten, “Ege Bamyasi” en “Future Days”, zijn al deze elementen terug te vinden. Liebezeit, het zal duidelijk zijn, is op deze platen meer dan ‘alleen maar’ drummer. De muzikale benadering van Can maakte dat elk lid een ruime mate van vrijheid kreeg. Drummers (goede drummers!) weten daar meestal wel raad mee. Zo ook Liebezeit, die -al improviserend rond een overwegend funky beat- Can de al eerder genoemde hypnotiserende en trancerende werking bezorgde. Het stelde hem in staat uit te groeien tot een unieke muzikant met een eigen stijl. De pure Elektronica van Kraftwerk en het meer organische geluid van Can, het zijn belangrijke pijlers waarop de hedendaagse Duitse scene, bewust of onbewust, rust.

Maar waar de jaren 70 nog enigszins te overzien en te behapstukken zijn, daar ligt dat tegenwoordig wel even anders. Bizarre hoeveelheden nieuwe muziek krijgt de consument van nu te verwerken. Het gevolg van een revolutie die bij -jawel- het onafhankelijk denken en doen van de Punk begon. Do It Yourself, luidde het credo. En Godsamme, deed men veel zelf! De labels en releases begonnen zich na ’77 op te stapelen, het hek was van de dam.Toen de hometapers begin jaren 90 de professionele studio’s vaarwel zeiden, en er nog mee weg kwamen ook, kregen ‘het gewoon doen’ en het low budget opnemen nog eens een enorme impuls. Daarbij gesteund door een vooruitschrijdende techniek, wat maakte dat Lo-fi behoorlijk hi-fi (lees: professioneel) kon klinken. De Post-rockers zeiden vervolgens het liedje vaarwel, rekten de zaak uit en gingen instrumentaal. En toen… toen was daar De Computer! De computer als middel om muziek te maken en deze door te geven aan de wijde wereld. Binnen het uur, zo u wilt. Hallelujah! Een ongekende vrijheid, maar ook eentje met een prijskaartje; bergen bagger, massa’s middelmaat en een allesbeheersend too much to handle.

Wij concentreren ons op de positieve kant. Die van de muzikant die deze vrijheid gebruikt om zich ongeremd te verliezen in grenzeloos creatieve uitspattingen. We gaan het zo over Bernd Friedmann hebben, maar eerst nog het laatste stukje popgeschiedenis.

Die computer was er natuurlijk al enige tijd. Van Punk, via Lo-fi en Postrock naar Elektronica is wat dat betreft een te kort door de bocht genomen trip. Want we hebben het tot dusver vooral over Rock, en vergeten bijna de ontwikkelingen aan de andere kant van het spectrum, de wereld die Dance heet. Daar waar het digitale element al vanaf Afrika Bambaataa’s “Planet Rock” (met een prominente rol voor Kraftwerk samples!) een grote rol speelde, zich via House en Techno verder ontwikkelde om zich vervolgens op te splitsen in vele sub-genres. Too much to handle is binnen de Dance haast een understatement.

Midden jaren 90 ging een en ander samenvallen. Rockers ontdekten orgeltjes en andere machinerie, Dance-muzikanten begonnen de dansvloerdwangbuis af te werpen. Dansen moet niet meer, maar mag nog wel, dat idee. Acts als Aphex Twin (AFX), Autechre, The Black Dog en Boards Of Canada mogen als belangrijk gezien worden in deze, terwijl op mainstream-niveau Radiohead en Bjork het grote(re) publiek lieten kennismaken met deze nieuwe non-dansvloer Dance.

Duitsland had dus altijd al iets met Elektronica, en het balletje ging er dan ook moeiteloos rollen. Ik kocht zelf eerst vooral Rock-gerelateerde dingen, met name in de hoek van het Zuid-Duitse Notwist, om via wat verzamelplaten binnen de kortste keren volledig hooked te zijn. Een van die verzamelaars was “The Sound Of Cologne”, met als enige bekende naam (op dat moment) Mouse On Mars.

Natuurlijk was Keulenaar Bernd Friedmann ook present op deze dubbelaar. Als Nonplace Urban Field, een van z’n vele alter ego’s. Too much to handle blijkt ook weer als ik een angstvallige blik werp op de discografie van de beste man. Vele platen onder vele pseudoniemen, veel onbekend terrein voor ondergetekende. Maar compleet zijn en alles weten, dat is iets wat ik jaren geleden al achter me gelaten heb (kan ik u ook aanraden, het lucht enorm op!). Het algemene beeld van Friedmann is er een van een muzikant die in z’n minstens dertien jaar durende carriere de grenzen der Techno, Dub, Ambient, Trip-hop en Jazz heeft onderzocht. Met Nonplace Urban Field, maar ook als Drome, Flanger, Nu Dub Players en z’n bekendste alter ego, Burnt Friedmann is het soms minimaal schurend en schuivend, dan weer met anderhalf been op de dansvloer, als ook freaky experimenterend. Friedmann brengt net zo makkelijk platen uit bij Pole’s label Scape als bij Ninja Tune en is dus voor geen gat te vangen.

Friedmann en Liebezeit samen is een ontmoeting van jong en oud. Dit stuk heeft hopelijk aangetoond dat deze ontmoeting een logische is. De vorig jaar verschenen plaat “Playing Secret Rhythms” krijgt in het Grand Theatre, tot besluit van Les Trois Jours, een live-vertaling, waarbij we vol spanning gaan afwachten hoe het zal uitpakken. Paul S.


Interview met Reimer Eising a.k.a. Kettel.

Het heeft lang geduurd, maar eindelijk is er in Groningen iemand met Elektronica bezig die daarmee verder komt dan z'n eigen zolderkamer. Reimer Eising is z'n naam, als Kettel maakt-ie naam. En hoe! Als je op Planet Mu en DuB platen mag uitbrengen, dan heb je je punt gemaakt.
Voor de duidelijk; wat bedoelen we met Elektronica? We hebben het dan over het moment dat de electronische muziek zich, onder impuls van acts als Aphex Twin, Autechre en The Black Dog, van de dansvloer af bewoog en zich richting luie stoel ontwikkelde. Het zal zo midden jaren 90 geweest zijn dat de dansdwangbuis afgegooid werd, waarna de pleuris uitbrak en labels als paddestoelen verrezen om de vele nieuwe creatieve uitspattingen voor het nageslacht te kunnen bewaren. Dansbaarheid was niet meer het absolute uitgangspunt, maar laat duidelijk zijn dat ritme wel altijd een grote factor bleef. Dansen mag bij de nieuwe lichting muis-artiesten, maar het is geen moetje.
Duitsland werd de hot spot, met z'n vele scenes in steden als Berlijn en vooral Keulen. Maar natuurlijk bleef het ook in Engeland broeien met labels als Warp, Skam en het al eerder genoemde Planet Mu. Talloze benamingen en genreaanduidingen moesten het beestje een naam geven. Glitsch, Clicks'n'Cuts, Intelligent Dance Music, Indietronics, en ga zo maar door. Zelf houden we het maar gewoon bij (luister-)Elektronica.
Nu, zo'n acht jaar later, is ook Groningen op de E-landkaart gezet. Er moest een import-Fries aan te pas komen om dat te doen, maar daar doen we verder niet moeilijk over. Met drie langspelers en een rits nummers op allerhande formaten heeft Reimer in korte tijd (hij is trouwens nog maar twintig!) een disco opgebouwd waar je U tegen zegt. De reacties zijn overwegend lovend. Vooral de manier waarop Reimer met de invloeden omgaat en er iets eigens van brouwt wordt gezien als iets waarmee hij de meute ontstijgt.
Maar, genoeg geschiedenis. Reimer 'Kettel' Eising laten we nu middels het volgende mail-interview zelf aan het woord. (De vragen en deze inleiding kwamen van Paul S.)


Vragenlijst
1.
Vraag: Je hebt in alle anonimiteit gewerkt...
2. Vraag: Het Eurosonic-optreden was...
3. Vraag: Eurosonic was ook je live-debuut...
4. Vraag: Je set was een stuk dansbaarder...
5. Vraag: Wat gebeurt er eigenlijk daadwerkelijk...
6. Vraag: En thuis; hoe ontstaat Kettel-muziek?
7. Vraag: In beide gevallen; hoe afhankelijk...
8. Vraag: Het leren beheersen van een instrument...
9. Vraag: De Elektronica heeft zich de laatste jaren...
10. Vraag: Laatste vraag...

1. Je hebt in alle anonimiteit gewerkt aan je muzikale carriere. Hoe heb je je zaken in eerste instantie aangepakt, was dit een moeilijke of een makkelijke weg, is Kettel een schoolvoorbeeld van de mogelijkheden die het wereldwijde web kan bieden?

Het is goed om in anonimiteit aan iets te werken wat je later naar buiten gaat brengen. Zo is dat met mijn electronica ook gebeurd. De eerste 2 jaar dat ik bezig was was het toch vooral dingen uitzoeken en mogelijkheden ontdekken. Niet dat ik de hele tijd als De Jonge Onderzoeker met mijn mond een beetje half open van verbazing zat te experimenteren, trouwens. Je leert creeerenderwijs gewoon steeds meer mogelijkheden kennen. Ik zoek een manier om met zo min mogelijk omwegen zo intuitief mogelijk te werk te gaan. Zo ontstaat er een werkwijze die in de loop der jaren natuurlijk evolueert. Hierdoor was het geen moeilijke weg. Het gaat gewoon vanzelf. Langzaam komt er iets uitrollen wat de moeite waard is. Mijn muziek heb ik aan de man gebracht dankzij, inderdaad, internet. Ik merk dat vele interviewers dat er graag uitpikken. Toch is het niet zo bijzonder. Ik had ook demo's kunnen opsturen zonder dat ik daarvoor eerst op internet hoefde. Dan was waarschijnlijk hetzelfde wel gebeurd. Op den duur. Maar inderdaad, je kunt vreselijk snel en makkelijk communiceren op internet. Ook kun je je muziek snel laten horen aan iemand. Zo ben ik vrij snel in het wereldje gerold. Internet is niet bepalend geweest voor mijn muzikale carriere, maar het heeft enorm geholpen.
Internet is er al een tijdje en bijna iedereen gebruikt het, en men is er inmiddels wel over eens dat communicatie via internet (op rooksignalen na dan) vaak de snelste en handigste manier is. Het hoort bij mijn generatie, denk ik. Daarom sta ik er niet echt bij stil. Het hoeft van mij niet echt een naam te hebben dat ik mijn contacten heb opgebouwd en onderhoudt via internet. Het heeft weinig met mijn muziek te maken.


Terug naar vragenlijst

2. Het Eurosonic-optreden was, door alle publiciteit eromheen, het moment dat een groter publiek je leerde kennen. Je kwam letterlijk in contact met mensen die hun mening geven, maar ook met mensen die nu wat van je willen.Hoe ga je hier mee om, doe je bijvoorbeeld iets met kritiek, en is deze nieuwe situatie (gerelateerd aan die anonimiteit van voorheen) iets waar je mee moet leren omgaan?

Feedback en mensen die dingen van me willen is al wat langer aan de gang. Dat is niet na het optreden opeens begonnen. Ik ben inderdaad in contact gekomen met mensen die hun mening geven, maar dat is voor mij niets nieuws. Het enige nieuwe was er aan dat mensen hun mening gaven over de liveset. En een verschil was dat ik de mensen in de ogen kon aankijken (dus niet alleen emailtjes of telefoontjes). Het is niet zo dat ik een anonieme figuur in de electronica wereld was en na mijn Eurosonic optreden opeens uit mijn schulp kroop en me onder de beoordelende orde begaf. Aanbiedingen en recensies heb ik daarvoor ook al gehad. Ik hoop wel dat ik een groter publiek me heeft leren kennen, dat ik wat nieuwe fans heb gemaakt (wat trouwens zo is, want ik krijg er vrij veel mails over). En ik krijg natuurlijk meer live-aanbiedingen omdat men me nu aan het werk heeft gezien. Weten ze wat voor vlees ze in de kuip halen. Omgaan met de meningen van mensen is altijd een punt, atuurlijk. Er spelen altijd zoveel dingen mee en iedereen vindt altijd wat anders. De meest gehoorde opinie is dat mijn liveset bijvoorbeeld vrij dansbaar was, maar toch zijn er zo weer tientallen mensen die dat niet vonden. Wat moet je ermee? Ik ben blij als ik mensen heb kunnen verleiden met mijn muziek. Ik sta open voor alle vormen van kritiek (behalve kritiek op de kleur blouse die ik aanhad of mijn haardracht (ja, het komt echt voor)). Soms zet goeie kritiek me aan het denken, dan doe ik er iets mee.
Maar mee, maar lang niet altijd. Dat is geen arrogantie, verder. Ik maak wat ik leuk vindt. Het blijft toch subjectief allemaal. (Al doet het me pijn zo'n cliche uit de kast te halen. Maar deze is toch echt waar. Zeggen dat dit een cliche is is ook weer een cliche eigenlijk. Oh mijn god..)


Terug naar vragenlijst

3. Eurosonic was ook je live-debuut. Elektronica live is over het algemeen een moeilijk ding. Hoe vond je zelf die eerste keer, welke lering trek je er uit, welke kant moet het wellicht op voor de toekomst?

Electronica live is voor sommige mensen een moeilijk ding. Voor electronica- liefhebbers niet, denk ik. Als je de muziek maar gewoon erg leuk vindt, maakt het dan uit of er iemand op een yoghurt-fles ramt of op een drumstel, of op zijn computer of op apparatuur dingen doet? Ik heb er wel bij stil gestaan (en doe dat nog wel eens) omdat ik toch vaak hoor dat mensen zich ongemakkelijk voelen bij een electronica-live act omdat er weinig gebeurt op het podium. Ik heb er nu dan toch echt lak aan gekregen. Het is een uitwas van onze extreem visuele cultuur die me niet echt meer interesseert. Ik ben vaak genoeg compleet uit mijn dak gegaan bij electronica-acts die gewoon achter hun computer zaten te headnodden. Ik kom voor de muziek. Het is geen voetbalwedstrijd. Goeie visuals tijdens een live-act is wat anders, dat kan leuk zijn en kan de mensen helpen zich wat minder ongemakkelijk te voelen dan als ze naar iemand achter een pc kijken.
Wat afleiding. Want dat is het toch vooral wat mensen wat in paniek brengt denk ik. "Shit, we moeten opeens echt luisteren, want aan klikkende muis valt niets te zien." Klinkt wat verbitterd, maar ik heb toch besloten dat dit mijn stellingname is. Het is namelijk niet zo dat als je me achter computers ziet zitten, dat ik dan niets doe. Je kunt het alleen niet zien wat ik doe, maar ik doe genoeg. Blijkbaar hebben mensen bevestiging nodig dat wat ze horen, echt op dat moment gemaakt wordt. Ik vond het zelf erg leuk om te doen op Eurosonic. Ik heb in mijn hoofd wel dingen die ik wat anders wil. Maar dat zijn vooral wat technische dingetjes met betrekking tot geluid en voortbrenging van het geluid. Maar de muziek zal per liveset veranderen. Ik heb voor het puddingfabriek-concert een behoorlijk ander soort nummers in voorbereiding.


Terug naar vragenlijst

4. Je set was een stuk dansbaarder dan je platen doen vermoeden. Bewust?

Alle nummers die ik gespeeld heb staan op platen of komen nog uit (het merendeel op een nieuwe EP op Kracfive). Dat het dansbaarder was kan door een paar dingen komen. Het kan komen doordat de nummers live op een bepaalde manier werden hergecreeërt die de nummers meer tot repeterende loops maakte. Het kan ook komen dat je mijn muziek vooral in de huiskamer op een hifi set hoort op een onschadelijk volume. Dan sta je er misschien niet zo bij stil dat het dansbaar zou kunnen zijn. Maar ik denk toch dat mijn muziek gewoon dansbaar is. Dat blijkt wel als het op een zware soundsystem komt. Ik heb het wel wat dansbaarder gemaakt door wat meer nadruk te leggen op het ritme, maar echt veel is er qua beats niet veranderd. Misschien is mijn muziek niet zo complex als het soms lijkt, of zoals soms gesuggereerd wordt. Voor mij kwam het niet echt als een verrassing dat het vrij dansbaar was, omdat ik mijn nummers toch altijd flink intens en hard hoor als ik ze maak. Het Eurosonic concert was vrij expliciet ritmisch met veel van die puntige melodieen. Maar voor de Puddingfabriek ben ik toch met wat ander spul bezig. Er zullen stukken tussenzitten met abstractere en complexere beats en droevige ambient-lagen. Zo zijn mijn platen meestal niet, maar ik vind het wel leuk om het live iets anders te doen. Bij Eurosonic was dat niet heel erg zo, dat was toch wel een beetje de Kettel zoals je die op platen tegenkomt. Maar we zien wel.


Terug naar vragenlijst

5. Wat gebeurt er eigenlijk daadwerkelijk als je daar met al die apparaten op een podium staat. Hoe werk je dan?

Zoveel apparaten staan er in feite niet. Mijn computer vormt het middelpunt en er hangen verder maar een paar dingen aan. Ik concentreer me ook op het toetsenwerk tijdens de liveset. Het verschil met het komende concert is dat ik het op Eurosonic samen met Chris deed. In de puddingfabriek sta ik er alleen voor. Ik zal dus naast toetsen en meer computerwerkzaamheden gaan doen. Ik heb mijn handen meer dan vol, dus. Thuis doe ik al de voorbereiding, ik weet dus hoe de afzonderlijke lagen gaan klinken. Maar on stage creeer ik een nieuwe mix. Er draaien verschillende delen muziek (beats, melodieen, geluiden, textuurtjes) en die manipuleer en mix ik live. Ik kan volledig bepalen wat er gebeurt, zowel ritmisch als melodisch. Ik draai geen mp3'tje. Ik maak ook geen huiswerk in Word. Ik stuur zegmaar alles op mijn computer (en synth) aan en doe er dus ook toetsenwerk bij.


Terug naar vragenlijst

6. En thuis; hoe ontstaat Kettel-muziek?

Dat is heel anders natuurlijk. Dan begin ik met een sample, of melodietje dat ik heb bedacht. Ik bouw een grote brei van melodieen en beats en zet dat langzaam maar zeker op zijn plek in het nummer. Het kan op verschillende manieren. Ik speel de melodie meestal zelf in. Op een synth, of op een piano of gitaar, of fluit, of mondharmonica (je hoeft het niet altijd terug te horen, ik hou er ook van om de geluiden flink te muteren). Daarna kan ik schuiven en knippen en plakken tot ik 6 ons weeg. Zie het als een zeer complexe collage. Maar toch houd ik graag een beetje de liedjes-vorm aan. Zelfs vaak met couplet en refrein. Maar dan zonder zang. Ik probeer mijn melodieen zo humaan en uitgekiend te maken dat het de menselijke stem zegmaar zou kunnen vervangen. Nummers ontstaan ook wel eens bij een sample, een opgenomen geluid. Stel ik heb een huiskamer-situatie gesampled, die bestaat uit het lopen van iemand op parket terwijl iemand met een stoel schuift in een bepaalde toon (toevalligerwijs opgenomen of iets dergelijks). Dan kan ik daar van alles omheen bouwen. Het gebeurt wel eens


Terug naar vragenlijst

7. In beide gevallen; hoe afhankelijk ben je van de techniek? Zou Kettel mooiere muziek maken met betere spullen?

Nee, daar geloof ik niet in. Het zou anders zijn, niet beslist mooier. Ik heb niet zoveel nodig. Muziek komt uit mijn hoofd. Ik ben niet afhankelijk van techniek. Al is een supersnelle computer wel handiger omdat alles sneller gebeurt. Maar absoluut niet noodzakelijk. Zoals ik zei wil ik zo min mogelijk omwegen. Ik moet intuitief kunnen werken, zodat ik alles wat ik in gedachten heb kan vertalen, en wel zo snel mogelijk, voordat ik het vergeet. Met welke middelen je me ook ergens neerzet, ik vogel wel een manier uit om mooie muziek te kunnen maken. Techniek interesseert me echt bijna helemaal niet. Ik weet ook heel erg weinig van apparatuur.


Terug naar vragenlijst

8. Het leren beheersen van een instrument kost bloed, zweet en tranen. Is de computer hierop een uitzondering? Zie je het als een instrument in de klassieke zin van het woord of toch eerder als een handig hulpmiddel of opneemding?

Er wordt ontzettend veel uitgebracht in de electronica-wereld, en ik denk meestal veel en veel te snel. Het klinkt allemaal vrij snel mooi op een computer. Alle middelen binnen handbereik, geen superdure studio nodig. Op elke home pc met windows kun je aan de slag en een beat of knormachine met veel geklik en geruis heb je zo gemaakt. Echt geen kunst aan als je je er even op concentreert en de juiste programma's hebt. Het komt toch allemaal op creativiteit neer uiteindelijk. Of je een computer nou als hulpmiddel, opneemding of instrument ziet. Creativiteit komt van binnenuit, en kost geen bloed zweet en tranen als je het in je hebt, denk ik. Een computer leren beheersen kost in ieder geval weinig moeite, het gemak is ontzettend groot. Een computer biedt je mogelijkheden je eigen geluiden te maken, te manipuleren en dat kan vrij snel en makkelijk. Maar dan ben je nog niet begonnen. Dan moet er nog heel erg veel komen, en dat heeft verder weinig met de computer zelf te maken. Meer met je hersenpan, denk ik.


Terug naar vragenlijst

9. De Elektronica heeft zich de laatste jaren aanzienlijk ontwikkelt, heeft ook de dwangbuis van de dansvloer van zich afgeworpen (dansen mag, maar moet niet meer...). Vind je dat er in Nederland voldoende aandacht is voor -zeg maar- de post-AFX/Autechre/B.O.C. Elektronica?

(Godzijdank brengt Autechre zelf ook nog platen uit. Ik heb hun nieuwe plaat gehoord die in april uitkomt en ben er behoorlijk kapot van. Het gaat me zeker beinvloeden.) Ik denk dat deze muziek in Nederland niet echt zwaar aanslaat. Wel steeds meer, dat merk ik wel om me heen, en ik denk dat er ook wel veel meer mensen van zouden kunnen houden, maar de meeste mensen kennen het gewoon niet, hebben het nog nooit gehoord. Bijna niemand kent het. Het is altijd zo'n klein groepje (altijd mannen). Ik heb ontzettend vaak meegemaakt dat mensen die nog nooit van electronica hebben gehoord dingen horen en er weg van zijn. Waarom ook niet? Mijn opa en oma vinden mijn muziek ook prachtig, en die zijn 83. Als je ervoor openstaat is het vrij makkelijk om het mooi te vinden denk ik. Om te antwoorden op je vraag: omdat zo weinig mensen het kennen, denk ik dus dat er weinig aandacht is besteed aan dit soort muziek. Er komen weinig grote acts over naar Nederland (Autechre is al jaren niet meer geweest bijvoorbeeld). Toch denk ik dat er wel behoorlijk wat fans zitten hoor. Ik krijg sinds mijn releases op DuB echt zeer veel reacties uit Nederland. Dat geeft me toch hoop. Bovendien hebben de kranten zich veelvuldig gemeld. Er is dus wel bereidheid tot aandacht. Wie weet komt het nog.
Al gaat de electronica waarschijnlijk wel weer flink veranderen. Het zijn toch groepen als Autechre die hieraan bijdragen. Je bent vrij snel uitgekeken op van die knisperend lichte beats met betekenisloze melodietjes erbij (zo classificeer ik toch erg erg veel electronica). Dat houdt geen stand. Verder houd ik me niet echt zo bezig met pop-journalistiek. Ik weet niet echt wat er in de bladen staat. Als ik van mezelf uitga, kan ik dus opmerken dat er meer aandacht komt dan eerst. Maar dat is dan ook weer logisch omdat ik bekender wordt.


Terug naar vragenlijst

10. Laatste vraag: Wat zit er op korte termijn aan te komen?

Ik heb in het voorjaar een nieuwe Ep op Kracfive (daar waar ook Dreim uitkwam). Die heet 'Look at this, hahaha!'. Er staan 7 nummers op. Vrij uitgebreide EP dus. Hij gaat wederom vrij moeilijk te krijgen worden. Dat komt gewoon omdat winkels het meestal niet aandurven deze muziek in te kopen. Maar we werken aan een goeie distributie. Ik zeg "we" omdat ik ook deel uitmaak van het Kracfive-collectief. Chris, de jongen waarmee ik op Eurosonic speelde, is zegmaar de baas van Kracfive en veel van zijn vrienden doen met hem mee. (Vooral in Japan slaan ze goed aan. Ik ben inmiddels uitgenodigd in Tokyo voor een live-act, waar ze behoorlijk Kettel-fan schijnen te zijn, maar dat terzijde). Verder ben ik nu eigenlijk vooral bezig met live-dingen voorbereiden. Ik wil graag met exclusieve live-nummers komen. Beetje verschil tussen mijn gewone nummers en mijn liveset vind ik wel leuk. Hier en daar maak ik nog wel een nieuw nummer af trouwens. Soms heb ik ook wel zin om weer even hypergeconcentreerd een nummer in elkaar te flansen. Is toch ander werk dan het live-werk. Dat is wat ruwer. Waar dat nieuwe spul uitkomt weet ik nog niet. Ik ben sowieso nog steeds met DuB bezig dus daar zal dit jaar vast wel weer wat verschijnen.


Terug naar vragenlijst